Data, een goudmijn voor goed beleid

Alice in Wonderland
15 januari 2019
Waarom een gebrek aan belastingen eigenlijk een subsidie is
16 maart 2019

Data, een goudmijn voor goed beleid

Ik heb in mijn leven nog geen seconde getwijfeld dat armoede en klimaatverandering een onrecht is en eerlijke lonen en gezonde lucht rechten zijn van iedere mens. Het zijn vraagstukken waarop ik in mijn hart een antwoord vind. Maar twijfel heeft me wel al meermaals overmand als ik me afvraag  hoe we die uitdagingen aanpakken? Is een basisinkomen een goede zaak? Zijn subsidies voor elektrische wagens de oplossing? Helpt camerabewaking tegen criminaliteit of verplaatst het die net? Vaak gaan we op ons  buikgevoel af omdat er geen onderzoek of data beschikbaar zijn. Vaak doen overheden maar wat, zonder te  meten wat wel of niet werkt.

Vandaag ligt dat anders, zo weten we dat criminaliteit daalt waar verlichting beter is, dat het verlagen van de snelheid er voor zorgt dat er minder zware verkeersongevallen zijn en dat 60% van de uistoot in Leuven afkomstig is van gebouwen. Dit is nuttige informatie voor beleidsmakers en de basis voor deze informatie is data.

In het predigitale tijdperk was het verzamelen van data onbegonnen werk. Vandaag verzamelen de data zichzelf (bijna). Daarna begint het grote werk:  de data uit de systemen halen, ze analyseren en er conclusies uit trekken. Veel data zijn bijvoorbeeld het resultaat van belastingen die we heffen of halen we verplicht op. Zo weten we waar huizen en winkelpanden leeg staan, waar bouwgronden braak liggen, hoeveel auto’s er ingeschreven staan, hoe de inkomens in Leuven verdeeld zijn en hoeveel en welke soortcriminaliteit er is. Andere data verzamelen we eerder toevallig: de locatie van verkeersborden en straatverlichting, ongevallen en misdaden en informatie over sportkampen en culturele evenementen bijvoorbeeld.

Al deze data zijn op zich interessant om individueel te bekijken. Ze helpen ons om simpele vragen te beantwoorden als: stijgt of daalt de criminaliteit? Waar is er leegstand? Waar kunnen we nog  bouwen? Dat doet de stad al een hele tijd. Maar ik geloof dat we een stap verder moeten gaan en data van verschillende oorsprong  combineren. Dat zou een antwoord kunnen bieden op vragen als: is er meer criminaliteit op plaatsen met minder verlichting? Gebeuren er meer ongevallen op plaatsen zonder fietspad? Bereiken we mensen in armoede met onze culturele en sportactiviteiten? Vermindert de leegstand op plaatsen waar we investeren in de openbare ruimte?

Data-driven policymaking heet zoiets. In plaats van in het wilde weg beleid te voeren, kunnen we er voor kiezen om na te gaan of we met onze acties onze doelstellingen bereiken. Onderwijsinstellingen als KULeuven en UCLL zijn in dit verhaal niet ver weg: Ze kunnen een rol spelen in dit verhaal en mee data analyseren.

En dat brengt ons naadloos bij het volgende: open data. Veel van deze informatie kan heel nuttig zijn voor onze inwoners en bedrijven. Maar dan moeten ze er wel toegang tot hebben. En dat is nu maar beperkt het geval. Het is bijvoorbeeld nuttig voor ontwikkelaars van apps dat zij toegang hebben tot parkeergegevens. Zo kunnen zij applicaties ontwikkelen die autogebruikers rechtstreeks naar een lege parkeerplaats brengen. Data over het aantal voorbijgangers kunnen ondernemers helpen om de juiste locatie voor hun activiteit te vinden. Dit allemaal natuurlijk rekening houdend met de regels van de privacy.

Er is dus veel potentieel dat we nog niet ten volle benutten. De vergelijking met een goudmijn is treffend. Als we diep durven graven, kunnen we grote rijkdom bereiken. Alleen is rijkdom in dit geval kennis, iets dat langzaam maar zeker waardevoller wordt dan goud.